TREINEN, KENMERK LK/5003

 


 

Bergen op Zoom, 2 april 2005

 

Aan het College van Burgemeester

en Wethouders

Postbus 35

4600 AA Bergen op Zoom

 

Betreft: treinen, kenmerk LK/5003

 

Geacht College,

De D66/BSD-fractie vraagt aandacht voor de ontwikkeling rond het treinverkeer, waarbij een aantal treinthema’s betrokken zijn, te weten:

–         VERA/Robel (Min. V&W)

–         Ruit rondom Brabant (Prov. Nrd.-Brabant)

–         Ketenstudies (Min. VROM)

–         Planbeschrijving Zeeuwse lijn (Min. V&W)

–         Dienstregeling personenvervoer 2007 Antwerpen-Randstad (NS) 

Eén ding hebben al deze plannen gemeen: het vormen bedreigingen voor de kwaliteit van ons leefmilieu c.q. onze economische toekomst. Het spoor is belangrijk voor de toekomst. Goed en frequent personenvervoer is belangrijk voor de toekomst van stad en ommeland. De recent bekend geworden plannen zijn op deze punten bedreigend.

Als de frequentie op de lijn Roosendaal-Antwerpen verschraald of nog erger naar nul zou gaan, zodra de HSL gaat rijden (inclusief Breda-shuttle) kan dit betekenen dat ook de lijn Schiphol-Roosendaal-Vlissingen voor de NS minder interessant wordt, met alle gevolgen voor onze verbindingen met de Randstad. 

Ook de eventuele verschraling op de Zeeuwse lijn kan op dit punt, buiten directe gevolgen (minder treinen die bij ons stoppen), een verdere verschraling betekenen voor personentransport voorbij Roosendaal. 

Wat echter meer bedreigend is, is het gegeven dat personenvervoer en goederenvervoer op één lijn feitelijk twee communicerende vaten zijn. De ruimte die het wegvallen van personentreinen zal scheppen op het spoor, zal mogelijk ingenomen worden (voor zover de geluidsruimte dit toelaat) door goederentreinen. 

Deze hebben voor stad en ommeland geen enkele toegevoegde waarde en door de aantasting van het leefklimaat zullen zij zelfs economische schade toebrengen. Door veiligheidsaspecten (bijvoorbeeld LPG-transport) wordt dan de woon- en veiligheidsbeleving van onze burgers geschaad. Feitelijk betekenen ze ook een verslechtering van onze infrastructuur, omdat wachttijden voor overwegen aanzienlijk worden verlengd. 

Ook het provinciale optimisme over de uitkomst van de Ketenstudies helpt ons niet. De problemen van (gevaarlijk) goederentransport over de Brabantlijn zijn dan voor Breda en verder opgelost. Die van ons blijven. Verminderde provinciale inzet inzake de beperking van deze transporten dreigt. Samen met de elektrificatie van de Sloelijn kan dit een ongebreidelde groei betekenen van de (gevaarlijke) goederentransporten door onze gemeente.

Ook een eventuele stillegging van Lijn 12 zal een versnelling geven van het stukje Antwerpen/Zeelandlijn, dat nog ontbreekt, met alle gevolgen voor een snelle toename van het (gevaarlijk) goederentransport door onze gemeente. 

Vragen: 

  1. Welke rol speelt Uw College in deze thema’s?
  2. Welke inbreng heeft het College en bij wie en met wie?
  3. Hoe is de samenwerking met andere belanghebbenden, zoals bijvoorbeeld de Zeeuwse gemeenten, Roosendaal, Halderberghe en Moerdijk?
  4. Is Uw College met de D66/BSD-fractie van mening dat de teruggang van het personenvervoer op de Zeeuwse lijn en Roosendaal-Antwerpen ongewenst is en een negatief effect kan hebben op onze verbindingen met de Randstad?
  5. Is Uw College bereid in deze één front te vormen met alle betrokken partijen? 

Uw reactie tegemoet ziende,

Hoogachtend,

namens de D66/BSD-fractie

Louis van der Kallen

 


 

 

Boekenlegger op de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

2 × vijf =