INITIATIEFVOORSTEL BOOMVERORDENING EN BOOMVERORDENING

 


 

INITIATIEFVOORSTEL 

tot invoering van een kapvergunningstelsel voor monumentale houtopstanden

 

Inleiding

In de raadsvergadering van 15 december 2004 heeft de raad besloten tot intrekking van de Boomverordening 2001. De boomverordening 2001 had o.a. tot doel om de handhaving van het groene karakter van de woonomgeving te beheersen c.q. te waarborgen, alsmede monumentale bomen en houtopstanden te beschermen en te handhaven.

De intrekking van de boomverordening 2001 had als oogmerk te komen tot een deregulering en het geven van meer vrijheden aan de burger bij het onderhouden en inrichten van zijn of haar woonomgeving. Hierbij was het uitgangspunt dat aan de eventuele kap van bomen, in gemeentelijk eigendom, steeds een zorgvuldige belangenafweging vooraf zou gaan. 

De doelstelling van onderhavig initiatiefvoorstel is, met behoud van de dereguleringsintenties, te komen tot een graad van bescherming van monumentale en bijzondere bomen, die recht doet aan behoud van bijzondere natuurwaarden en het monumentale karakter van natuur in relatie met het stedelijk monumentaal karakter van onze bebouwde omgeving. 

Feitelijk betekent dit een globale herinvoering van artikel 14 van de boomverordening 2001:

“Het opstellen/bijhouden van een lijst met monumentale bomen/houtopstanden”. 

Uitvoering

Deze lijst moet in ieder geval bevatten de bomen opgenomen op de lijst van monumentale en waardevolle bomen van de bomenstichting, te weten:

–         Fraxinus exc. Pendula (treures) nabij de Martinuskerk, Dorpsstraat, Halsteren

–         Platanus x acerifolia (gewone plataan) aan de Zuivelstraat, Bergen op Zoom

–         Platanus x acerifolia (gewone plataan) op het Thaliaplein, Bergen op Zoom

–         Tilia europaea (Hollandse linde) aan de Balsedreef/Klaverveldenweg, Bergen op Zoom 

Verder zou de lijst aangevuld kunnen worden met aanmeldingen door belanghebbende burgers en organisaties, waarbij de boom of houtopstand aan één of meerdere van de onderstaande criteria of specifieke kenmerken zouden moeten voldoen: 

–         Door leeftijd of verschijning beeldbepalend en onvervangbaar voor het karakter van de omgeving

–         Dendrologisch van grote waarde, vanwege soort en variëteit in combinatie met leeftijd en zeldzaamheid

–         Milieukundig of ecologisch van grote waarde vanwege het belang van het (plaatselijke) ecosysteem, bijvoorbeeld omdat de boom plaats biedt aan zeldzame dier- of plantensoorten. Denk hierbij aan (onder)soorten vleermuizen

–         Wettenschappelijk van grote waarde, doordat het een bijzonder zuivere vertegenwoordiger van één soort betreft (genenreservoir)  

–         Cultuurhistorisch waardevol, bijvoorbeeld Herdenkingsboom, Koninginneboom, Markeringsboom, Kruis/Kapelboom, Snoeikunstboom of bijzondere groeivorm

–         Mythologische betekenis (Kroezeboom)

–         Geadopteerde boom

–         Bijzonder (oud) fruitras, bijvoorbeeld sterappel. 

Het aanmelden door belanghebbende burgers c.q. organisaties vergroot de betrokkenheid van de burgerij bij de instandhouding van natuurlijke monumenten waardoor de waardering voor de natuur in en om de bebouwde omgeving toe zal nemen.

Feitelijk zal een dergelijke lijst, gezien de ervaringen elders en de te hanteren criteria in onze gemeente, maximaal enkele honderden bomen tellen. Dit levert nauwelijks een beperking op van de vrijheid die het afschaffen van de boomverordening 2001 onze burgers biedt, terwijl het invoeren van de nieuwe bijgevoegde (concept) verordening slechts datgene beschermt dat op basis van aanwezige kwaliteiten en waarden bescherming verdient.

Het verdient aanbeveling om middels beleidsregels een objectief systeem te hanteren bij de beoordeling van een kapvergunningsaanvraag. Om geen onnodig werk te doen zou het boomwaarderingssysteem van de gemeente Boxmeer overgenomen kunnen worden. 

Financiën

Het intrekken van de boomverordening december 2004 beoogde een bezuiniging van ca.

€ 17.000,– (voornamelijk formatie). Herinvoering van een (zeer beperkte) boomverordening betekent een initiële/incidentele inzet van menskracht voor het opstellen van een lijst van de monumentale houtopstanden. Het bijhouden zal een zeer beperkte inzet van menskracht vergen. Het beoordelen van aanvragen om een kapvergunning zal ook beperkt zijn.

De verwachting is dat, uitgaande van een lijst met circa 200 houtopstanden, het aantal jaarlijkse aanvragen voor een kapvergunning beperkt zal zijn tot maximaal 6, waarvan de kosten middels leges verhaald kunnen worden. 

De Raad van de Gemeente Bergen op Zoom

  

BESLUIT

 

Vast te stellen de “Boomverordening Bergen op Zoom 2005″ en de toelichting daarop overeenkomstig de bij dit besluit behorende en als zodanig gewaarmerkte bijlagen”. 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van

 

* * * * * * * * * * * 

 

BOOMVERORDENING BERGEN OP ZOOM 2005

 

Artikel 1         Begripsomschrijving 

  1. Boom

      Een houtachtig, overblijvend gewas met een dwarsdoorsnede van de stam van

      minimaal 10 cm. op een hoogte van 1,3 m. boven het maaiveld.

  1. Houtopstand

      Eén of meer bomen.

  1. Vellen

      Kappen, afzagen, rooien, met inbegrip van verplanten, alsmede het verrichten van

      handelingen, zowel boven- als ondergronds, waarvan men weet of behoort te weten

      dat dit de dood of ernstige beschadiging of ontsiering van de houtopstand ten gevolge

      kunnen hebben dan wel de natuurlijke vorm van de houtopstand kunnen aantasten.

  1. Boomwaarde

      De financiële waarde van een boom zoals getaxeerd volgens de meest recente

      richtlijnen van de Nederlandse Vereniging van Taxateurs van Bomen.

 

Artikel 2         Lijst van monumentale houtopstanden 

  1. Het college van burgemeester en wethouders houdt een lijst bij van monumentale houtopstanden, waarvoor in geval van vellen een kapvergunning is vereist.
  2. De lijst van monumentale houtopstanden omvat in ieder geval een, voor een ieder goed herkenbare omschrijving, de standplaats, het kadastrale perceelsnummer, de eigenaar en/of zakelijk gerechtigde en de reden van registratie van iedere houtopstand.

 

Artikel 3         Opname op lijst van monumentale houtopstanden 

  1. Burgemeester en wethouders kunnen, al dan niet op aanvraag van een belanghebbende, een houtopstand plaatsen op de in artikel 2 lid 1 bedoelde lijst.
  2. Op de totstandkoming van een besluit als bedoeld in lid 1 is afdeling 3:4 van de Algemene Wet Bestuursrecht van toepassing, met dien verstande dat burgemeester en wethouders in elk geval advies inwinnen bij een of meerdere instellingen die bescherming van bomen en houtopstanden tot hun statutaire doelstelling hebben.
  3. Met ingang van de datum waarop de eigenaar van de houtopstand de kennisgeving van het voornemen tot plaatsing op de in lid 1 bedoelde lijst ontvangt tot het moment dat opname op die lijst plaatsvindt c.q. vaststaat dat de houtopstand niet op die lijst wordt geplaatst, is artikel 3 lid 2 van deze verordening van toepassing

 

Artikel 4         Kapverbod 

  1. Het is verboden zonder vergunning van burgemeester en wethouders een houtopstand te vellen die voorkomt op de in artikel 2 lid 1 vermelde lijst.
  2. Het in het eerste lid van dit artikel gestelde verbod geldt niet voor een houtopstand die moet worden geveld krachtens de plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last van burgemeester en wethouders.

  

Artikel 5         Aanvraag vergunning 

De vergunning moet schriftelijk en onder bijvoeging van een situatieschets worden aangevraagd door of namens dan wel met toestemming van degene(n) die krachtens zakelijk recht of krachtens publiekrechtelijke bevoegdheid gerechtigd is over de houtopstand te beschikken.

 

Artikel 6         Zakelijk karakter vergunning 

  1. De vergunning geldt voor zowel de aanvrager als voor zijn rechtsverkrijgende.
  2. De rechtsverkrijgende is verplicht van de rechtsovergang binnen twee weken schriftelijk mededeling te doen aan burgemeester en wethouders.

 

Artikel 7         Weigeringsgronden 

De vergunning kán worden geweigerd op grond van:

  1. de natuurwaarde van de houtopstand;
  2. de landschappelijke waarde van de houtopstand;
  3. de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon;
  4. de beeldbepalende waarde van de houtopstand;
  5. de cultuurhistorische waarde van de houtopstand;
  6. de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand.

 

Artikel 8         Standaardvoorwaarde van niet gebruik 

  1. Een vergunning die op grond van deze verordening is verleend wordt pas van kracht met ingang van de dag na de dag waarop de bezwaartermijn afloopt.
  2. Indien gedurende de bezwaar termijn een verzoek om voorlopige voorziening is gedaan wordt de vergunning niet van kracht voordat op dat verzoek is beslist.
  3. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid kunnen burgemeester en wethouders in daarvoor naar hun oordeel in aanmerking komende gevallen bepalen, dat de vergunning onmiddellijk van kracht wordt.

 

Artikel 9         Vervaltermijn vergunning 

De vergunning als bedoeld in het vorige artikel vervalt, indien daarvan niet binnen de in de vergunning aan te geven termijn van maximaal één jaar ten aanzien van de gehele houtopstand waarvoor een vergunning is aangevraagd gebruik is gemaakt.

  

Artikel 10       Bijzondere vergunningvoorschriften 

  1. Tot aan de vergunning te verbinden voorschriften kan behoren het voorschrift dat binnen een bepaalde termijn en overeenkomstig de door burgemeester en wethouders te geven aanwijzingen moet worden verplant.
  2. Tot aan de vergunning te verbinden voorschriften kunnen behoren aanwijzingen ter bescherming van in en rond de houtopstand voorkomende flora en fauna.
  3. Burgemeester en wethouders kunnen aan de vergunning het voorschrift verbinden dat de vergunning niet ten uitvoer mag worden gelegd tot een in de toekomst gelegen nauwkeurig omschreven moment.

 

Artikel 11       Ziekte, aantasting, gevaar 

Indien burgemeester en wethouders van mening zijn dat een op de in artikel 2 lid 1 bedoeld lijst opgenomen houtopstand ziek of aangetast is, dan wel naar hun oordeel gevaar oplevert of kan opleveren voor de verspreiding van die ziekte of aantasting, of anderszins gevaar of schade kan toebrengen aan personen of goederen, kunnen burgemeester en wethouders aan de zakelijk gerechtigde van de grond dan wel aan degene die uit andere hoofde bevoegd is tot het treffen van voorzieningen, bij aanschrijving de verplichting opleggen om de betreffende houtopstand te vellen of op een nadere door het college van burgemeester en wethouders te bepalen wijze te behandelen binnen een door hen in de aanschrijving te bepalen termijn en overeenkomstig de door hen gegeven aanwijzingen.

 

Artikel 12       Verhouding tussen kap- en bouw- of aanlegvergunning 

    1. Burgemeester en wethouders stemmen de procedures betreffende kapvergunning, uitwegvergunning en bouw- of aanlegvergunning in het ontwerpstadium op elkaar af.
    2. De kapvergunningen, uitwegvergunningen en bouw- en aanlegvergunningen worden zoveel mogelijk per project gelijktijdig behandeld.
    3. Een kapvergunning kan worden geweigerd op de enkele grond dat sloop-, bouw- en/of aanlegplannen dan wel de plannen tot de aanleg van uitweg nog niet definitief zijn.
    4. Een kapvergunning kan worden geweigerd, nadat een bouw- of aanlegvergunning is verleend, indien de rechthebbende aanvrager van die bouw- of aanlegvergunning niet, niet tijdig, of niet volledig de aanwezigheid heeft vermeld van de houtopstand aan burgemeester en wethouders.

 

Artikel 13       Strafbepaling 

Overtreding van het bij of krachtens deze verordening bepaalde en de krachtens deze verordening gegeven voorschriften onderscheidenlijk verplichtingen worden gestraft met een hechtenis van ten hoogste drie maanden of een geldboete van de tweede categorie en kan bovendien worden gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak. Bij de strafmaatbepaling kan rekening worden gehouden met de boomwaarde.

  

Artikel 14       Toezicht op naleving 

Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de bij besluit van burgemeester en wethouders aangewezen personen.

 

Artikel 15       Inwerkingtreding 

Deze verordening treedt in werking op 1 oktober 2005

 

Artikel 16       Aanhalingstitel 

Deze verordening kan worden aangehaald onder de titel “Boomverordening Bergen op Zoom 2005”.

 


 

 

Boekenlegger op de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *