DE STER VAN LEPELSTRAAT/ SUBSIDIES KRIJGEN EN HOUDEN/ (NATTE-ZOUTE) DROOM OF NACHTMERRIE – 27: GEMAAKTE AFSPRAKEN

| jaar 2 | nummer 61 |

| 19-04-2015 | 10.30 uur |


 

| DE STER VAN LEPELSTRAAT |  

 

Woensdag 15 stralende sterapril 2015 stond op de agenda van de commissie Stad en Ruimte de ontwerpvisie Ster van Lepelstraat. Een ster moet stralen. Maar of dat snel het geval zal zijn met de Ster van Lepelstraat is maar de vraag. 

Er was vanuit de commissie en van twee insprekers veel commentaar op de inhoud van de ontwerpvisie. De twee sprekers maakten korte metten met de in het plan opgenomen voorwaarden. Tot 20 meter hoog: nee dank u. Voor logistieke bedrijven: nee dank u, te veel verkeer. Kavels van 5 hectaren: liever voor de eigen kleinschalige Lepelstraatse ondernemers. Voor bewoner Maarten Koudenberg en voor bewoner Ton Gabriëls was het helder. Als er al bedrijfshectaren bij moesten dan toch anders en vul eerst de vrije plekken, zoals bij Philip Morris, maar op. “Wij hebben gekozen en betaald voor vrij uitzicht.” Was hun geluid.  

Wat mij het meeste opviel was het VVD geluid. Die vonden dat de gemeente zelf de ontwikkeling van dit bedrijventerrein moest doen. Alsof we niet kopje ondergaan in de schulden. Ontwikkelen door de initiatiefnemers zelf zou te ingewikkeld zijn. Een VVD geluid dat de overheid (de gemeente) het moest ontwikkelen in plaats van de ‘markt’? Hier wordt ook vergeten dat ontwikkelen door de gemeente veel geld kost en dus risico nemen betekent. Risico’s die wat mij betreft de gemeente niet meer kan dragen.
Wat mij ook opvalt is het gedrag van vrijwel alle partijen. Het moest lager. Het moest ook voor kleinere ondernemers. De bedrijven mochten geen (verkeers)overlast geven. Er moesten veel arbeidplaatsen per hectare komen. Je vraagt je dan af: in welke tijd denken deze raadsleden dat we leven? Is het een gunst als een bedrijf zich in onze gemeente mag vestigen? Of hebben we de werkgelegenheid van (bijna) ieder bedrijf dat zich hier wil vestigen hard nodig. De werklozen in onze gemeente, en dat zijn er veel te veel, zullen denken: laat ze maar komen met die werkgelegenheid. Als het moet hebben we genoeg plek. Desnoods in de Auvergnepolder! Nog steeds praten fracties over mooie wensen, zoals laagbouw met veel arbeidsplaatsen per hectare en als gemeente zelf ontwikkelen met tal van voorwaarden. Het zijn dezelfde partijen die afspraken maken over dereguleren. En dan willen ze een bestemmingsplan met een hoog detailniveau en veel voorwaarden. Als de markt het ontwikkelt, wil de ontwikkelaar vooral snel verkopen. In mijn hart zou ik willen dat oude tijden herleven en wij, de gemeente, de eisen kunnen stellen en de ondernemers met de pet in de hand komen vragen of ze toch van ons ‘edele heren’ een stukske grond mogen kopen. De praktijk van alle dag is anders. Als gemeenschap kunnen wij de luxe en de risico’s van een gemeentelijke ontwikkeling niet meer aan. Voor degenen die hun brood moeten verdienen en geen werk hebben moeten we bereid zijn onze luxe eisen en wensen te matigen. We moeten beseffen dat het tijd is voor werk, werk en werk (van wie was die verkiezingskreet ook al weer?). Als er gegadigden zijn voor dit gebied, wat allang op de ontwikkelagenda voor bedrijventerrein staat, laat die kopers dan maar snel aan de slag gaan. Onze werklozen willen aan de slag en het brood voor zichzelf en hun gezin verdienen. 

Louis van der Kallen

 


 

| SUBSIDIES KRIJGEN EN HOUDEN |  

 

fort henricusWoensdag 15 april 2015 stond op de agenda van de commissie Stad en Ruimte het raadsvoorstel inzake de West Brabantse Waterlinie. Feitelijk was het voorstel niets meer of minder dan het samenvoegen van een aantal door de gemeenteraad ter beschikking gestelde budgetten ten behoeve van de realisering van de Waterlinie in het kader van het landschap van allure Brabantse Wal. 

Zo’n voorstel roept altijd vragen op over het waarom en hoe de door de provincie ter beschikking gestelde subsidie te behouden. Langzaam groeide de angst dat, als de gemeente de provinciale deadline niet zou halen, de 7,8 miljoen euro die Steenbergen en Bergen op Zoom van de provincie hadden gekregen wel eens teruggevorderd zou kunnen worden. Wat in deze discussie opvalt is dat bijna niemand zich afvraagt waarom subsidieert de provincie dit project eigenlijk en in welk streven van de provincie past deze subsidie toewijzing? Alleen de PvdA deed een kleine poging en stelde in de tweede termijn een vraag over het verdienmodel en de bijdragen daarin van anderen.

Als de raadsleden zouden beseffen waarom de provincie een deadline stelt en wat de reden is van de provinciale bijdrage, dan zouden ze wel meer van leer trekken over de trage uitvoering. De subsidieregeling is, om in tijden van crises de provinciale economie te ondersteunen. Bij een hoge werkloosheid heeft dat prioriteit en willen de Provinciale Staten dan terecht haast maken. Ze willen resultaten zien. Als je beseft dat dit de reden is waarom de provincie geld ter beschikking stelt, moet je met de centen wel aan de slag als de werkloosheid hoog is. Want dan kunnen de dames en heren in de Staten straks zeggen dat (mede) door hun inzet het allemaal weer beter gaat. Als de centen uitgegeven worden als het al beter gaat, is hun bijdrage mosterd na de maaltijd en daar houden ze niet van. Een gekregen subsidie goed en op tijd besteed betekent een plus in de ogen van de gevers en dat kan ze verleiden de volgende keer weer te willen bijdragen aan onze plannen.

Waarom hangt West Brabant al jaren aan de achterste mem als het gaat om provinciale subsidies? Dat is een vraag die West Brabantse bestuurders zich vaak stellen. Het antwoord is simpel. Steden als Eindhoven en Tilburg hebben vaak plannen op de plank leggen waarvan de uitvoering snel kan. Hun flexibiliteit levert hen vaak provinciaal geld op. Waar gedeputeerden een hekel aan hebben is dat ze naar hun statenleden uit moeten leggen waarom het in Bergen op Zoom weer langer duurt. Met snel werken en je aan de afspraken houden, maak en hou je vrienden. Met zeuren over een niet gehaalde of niet te halen deadline zeker niet. 10 maanden na het krijgen van de subsidie is er bitter weinig gebeurd. Voor de komende twee jaar moet er dus meer dan een tandje bij. Niet alleen om deze subsidie te behouden, maar ook om andere subsidies, als betrouwbare partner, binnen te halen.

Louis van der Kallen

 


 

| (NATTE-ZOUTE) DROOM OF NACHTMERRIE – 27 |  

 

Gemaakte afspraken

 

Money seized by German customs agency Zoll during anti-money laundering operation is displayed before agency's annual statistics news conference in BerlinDe landsregering heeft de “ontwerp-rijksstructuurvisie Grevelingen en Volkerak-Zoommeer” vastgesteld en daarmee het voornemen kenbaar gemaakt een beperkt getij terug te brengen in het Volkerak-Zoommeer en deze wateren op termijn te verzilten.  

In een publicatie van de provincie Zuid-Holland is te lezen dat: “Het ministerie van Infrastructuur en Milieu, het ministerie van Economische Zaken, de provincies Zuid-Holland, Noord-Brabant en Zeeland en de waterschappen Scheldestromen, Hollandse Delta en Brabantse Delta afspraken hebben gemaakt over het terugbrengen van getij op de Grevelingen en het zout worden van het Volkerak-Zoommeer, in combinatie met de noodzakelijke zoetwatervoorziening (‘eerst het zoet, dan het zout’). Afgesproken is de planning en financiering van de maatregelen nader uit te werken.”.

“De afspraken voor het terugbrengen van het getij en het in stand houden of verbeteren van de zoetwatervoorziening zijn vastgelegd in 2 bestuursovereenkomsten en worden voorbereid in het ‘programma Ontwikkeling Grevelingen en Volkerak-Zoommeer’. De bekostiging van het programma, waarvan de kosten worden geraamd op €168 miljoen, is nog niet rond, maar met deze overeenkomsten wordt wel een eerste stap gezet. De 3 provincies zeggen toe om gezamenlijk €20 miljoen euro bij te dragen. Het ministerie van Infrastructuur en Milieu zal zich inspannen voor een bijdrage van €30 miljoen. Verder worden Europese subsidiemogelijkheden benut en wordt bekeken hoe private partijen kunnen bijdragen”.

“De voorbereiding van het voorgenomen ‘Programma ontwikkeling Grevelingen en Volkerak-Zoommeer’ gebeurt in verschillende fasen. Elke fase wordt afgerond met een gezamenlijk besluit over de voortzetting van het programma. Door deze stapsgewijze werkwijze blijven risico’s beperkt. Met de ondertekening (van de bestuursovereenkomsten) start de voorbereidingsfase: in deze fase moet de bekostiging van het programma rond komen en wordt een private partij geselecteerd die de planuitwerking (en in een latere fase de uitvoering) van de maatregelen ter hand zal nemen. Ook voor de nodige zoetwatermaatregelen zullen samenwerkingsovereenkomsten moeten worden gesloten. De regionale partijen werken deze afspraken verder uit.”

Er moet dus nog €118 miljoen gevonden worden. De hand zal daartoe opgehouden worden bij Europa en bij private partijen. Nu is het zaak om goed in de gaten te houden onder welke voorwaarden deze gelden eventueel loskomen en hoe de regionale partijen invulling geven aan het verder uitwerken van de gemaakte afspraken. De zogenoemde gebiedsontwikkeling zal immers grote gevolgen kunnen hebben voor natuur en landschap.

Voor Ons Water en de BSD is het helder: de onnodige verspilling van geld en de vernietiging van de mooie natuur kan nog voorkomen worden. Stop de verzilting. Teken de petitie via https://www.petities24.com  

Louis van der Kallen 

 


Boekenlegger op de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *