DILEMMA/ BETER OF SLECHTER?/ VAN RESTSTOF NAAR BOUWSTOF

| jaar 3 | nummer 100 |

| 03-04-2016 | 11.00 uur |


 

| DILEMMA |  

 

dilemmaHet gebeurt niet zo heel vaak dat ik uitgenodigd wordt naar een ‘probleem’ te komen kijken in Halsteren. Het gebeurt nog minder vaak dat ik mijn waterschapskennis en gemeentelijke kennis kan/moet combineren. Wat vrijwel nooit gebeurt is dat het een levensecht dilemma oplevert. De twee rollen, gemeenteraadslid die het belang van de gemeente heeft te dienen en waterschapsbestuurder die het waterschapsbelang heeft te dienen vullen elkaar in de regel goed aan. Het bijt elkaar vrijwel nooit. Behalve in een Halsterse zaak.

Ik was uitgenodigd naar een ‘verkeers’situatie te kijken in de Olmenstraat. Hier wordt een grasveldje met een paar bomen door nogal wat fietsers gebruikt om via een droog ondiep greppeltje het fietspad langs de N 259, de Steenbergseweg te bereiken. Op de bestemmingsplankaarten heeft dat stukje plantsoen een groenbestemming. Op de kaart van het kadaster, die ik ter inzage kreeg, is de bestemming weg!

Wat is het dilemma? Als waterschapsbestuurder weet ik dat het waterschapstarief dat aan de gemeente in rekening wordt gebracht als landeigenaar bij een weg 2,5 keer zo hoog is als voor een plantsoen. Dat is omdat verharde gronden nu éénmaal voor het waterschap meer kosten veroorzaken dan onverharde gronden. Als waterschapsbestuurder zou ik dus blij moeten zijn met deze gemeentelijke onzorgvuldigheid. Als gemeenteraadslid moet ik er naar streven de kosten voor de gemeente en daarmee voor de inwoners van Bergen op Zoom zo laag mogelijk te houden. Tevens rijst in zo’n geval de vraag: zijn er nog meer plekken/plantsoenen waar de gemeente mogelijk ook meer dan het dubbele betaalt dan nodig is? 

greppeltjeLaat onverlet dat de gemeente hier twee taken moet oppakken. Het sluipverkeer stoppen door het greppeltje te verdiepen en daarmee ook het waterbeheer langs de N 259 te verbeteren. En eens goed te kijken waar in de gemeente nog meer de kadastrale aanduiding niet overeenkomstig de feitelijke toestand is. Lezers die toevallig ook wethouder zijn: aan het werk! Geachte trouwe lezer, laat het de verantwoordelijke wethouder Ad Coppens met het emailadres [email protected] even weten, dat u vindt dat hij als gemeentelijk schatbewaarder aan het werk moet, want hij zegt dat hij altijd graag suggesties ter bezuiniging ontvangt. Als u het hem laat weten voel ik mij in mijn rol als hoeder van ook de waterschapsfinanciën iets minder bezwaard en is mijn dilemma ook gelijk opgelost.

Vroeger betaalde de gemeente voor wegen het zelfde tarief als voor onverharde gronden. Dat is een aantal jaren geleden veranderd. Het wordt tijd dat dit besef zich vertaalt in correcte aanduidingen. Voor mij is de oplossing van het dilemma dat zaken gewoon juist moeten zijn. Net als privé moet de aangifte, heffing en betaling gewoon correct zijn. Zowel de heffer als de belastingplichtige moeten streven naar een correcte aanslag.

Louis van der Kallen

 


 

| BETER OF SLECHTER? |  

 

balanceDe afgelopen jaren kreeg je als gemeenteraadslid steeds weer een knoop in de buik als de jaarcijfers van het gemeentelijk grondbedrijf werden gepresenteerd. De verliezen op wat eens de trots was van een Bergs college van Burgemeester en Wethouders liepen als maar op. De oorzaken waren vooral de grondexploitaties De Markiezaten en wat eens de Bergse Haven werd genoemd en nu de ScheldeVesting.

De afgelopen jaren werd de balans grotendeels gesaneerd en daar is ook het jaar 2015 geen uitzondering op. Maar er zijn wel een paar lichtpuntjes te constateren. Met dank aan de wind in de rug van de super lage rente, is het resultaat op de exploitatie eindelijk positief. Vooral met dank aan de grondverkopen in het plan het Groene Gordijn. De verliezen in het plan ScheldeVesting namen nog wel toe. Onderaan de exploitatiestreep was er een positief resultaat van 3 miljoen. Maar daarmee is het, als het over het grondbedrijf van de gemeente gaat, helaas niet alles gezegd. Weer werden er een aantal projecten, deels door een wetswijziging, noodgedwongen gesaneerd. Dat leidde tot een aantal afschrijvingen van totaal 11 miljoen. Omdat daardoor de risico’s daalden met 5,1 miljoen is mijn rekensom dat het grondbedrijf, alle minnen en plussen opgeteld, over 2015 feitelijk een verlies heeft geleden van 2,9 miljoen.

In mijn ogen geeft de balans een steeds betrouwbaarder beeld. Qua balanscijfers komen we steeds dichter bij de werkelijkheid. Als de economische groei, die landelijk steeds wordt aangekondigd, nu ook in onze gemeente gestalte krijgt, zou het kunnen dat 2016 of 2017 het eerste jaar kan worden, na het begin van de crisis, dat het resultaat van het grondbedrijf werkelijk weer in zwarte cijfers geschreven kan gaan worden. Maar de risico’s zijn nog groot. Door het verlies aan arbeidsplaatsen in onze gemeente kan de aangekondigde economische opleving onze deur wel eens voorbij gaan.

Economisch ging het onze gemeente niet voor de wind. In augustus 2015 schreef ik er een artikel over onder de kop “bar slecht”. In het Magazine Midsize Brabant (een verkenning van de toekomst voor Brabantse middelgrote steden) was een tabel opgenomen met cijfers over de werkgelegenheidsontwikkeling in de middelgrote steden van Noord-Brabant tussen 1998 en 2013. Bergen op Zoom kwam er bar slecht uit. Colleges uit die periode hadden op het vlak van het aantrekken van werkgelegenheid, in vergelijking met andere Brabantse steden, heel slecht gepresteerd. Als die prestatie niet beter wordt, zal het grondbedrijf, ondanks de wind in de rug van de lage rente, problemen houden om de begrote verkoopcijfers te halen.

Maar het blijft vermoedelijk koorddansen in de wind.

Louis van der Kallen

 


 

| VAN RESTSTOF NAAR BOUWSTOF |  

 

immobilisaat

Foto: BAG B.V. te Susteren: aanleg fietspad Veldhoek- Ruurlo, website: https://www.bagbv.nl/

Soms bezoek je een seminar waarbij je als gemeenteraadslid en als dagelijks bestuurder van een waterschap van de ene verbazing in de andere valt. Zo’n seminar was “van reststof naar bouwstof”.  Het seminar werd georganiseerd door Immobilisatie. De dagvoorzitster was Noortje Schrauwen die verbonden is aan Grondstofjutters, een organisatie waarbij de circulaire economie de leidraad is. 

Er waren vele interessante sprekers waaronder Chris Schuurbiers van de Inspectie Leefomgeving en Transport en Jurgen Lutterman van SGS Intron, de certificeerder.

Immobilisaten hebben mijn belangstelling, omdat zij rest-/afvalstoffen bevatten die door immobilisatie uiteindelijk weer middels constructies in het milieu worden gebracht. Op basis van de presentaties van deze twee heren kwam ik tot de conclusie dat het fabricageproces en de immobilisaten als producten duurzaam en milieutechnisch verantwoord tot stand komen. Wetgeving en de certificering lijken afdoende om in hoge mate erop te kunnen vertrouwen dat het in de bouw toe te passen product betrouwbaar tot stand komt.

Toepassing lijkt een geheel ander verhaal. De Inspectie Leefomgeving en Transport controleert en handhaaft tot en met de totstandkoming van het immobilisaat. De controle en handhaving daarna is aan het betreffende bevoegd gezag (gemeenten en waterschappen). Op mijn vraag hoe de overdracht van de handhaving van de Inspectie Leefomgeving en Transport naar de gemeenten of de waterschappen geregeld was of plaatsvond kwam van Chris Schuurbiers met het verbijsterende antwoord: niet! Overdracht van de handhaving was niet geregeld en het vond ook niet plaats. Let wel: we hebben het over producten die tot 25 % ernstig verontreinigd afval kunnen bevatten. Als het immobilisaat als product bereid is, is het formeel geen afval meer maar bouwstof! In de zaal waren een fors aantal handhavers, in dienst van de omgevingsdiensten (van Groningen tot Zeeland, inclusief West-Brabant) aanwezig. Zij bevestigden deze feiten.

De presentatie van Chris Schuurbiers bevatte een aantal voorbeelden van wat er bij de toepassing van de immobilisaten milieutechnisch fout kon gaan. Als uitgehard product zijn de toepassingen milieutechnisch verantwoord. Maar soms liggen de vers gestorte immobilisaten dagen onafgedekt uit te harden. In net aangebrachte en nog niet uitgeharde toestand lijkt het materiaal dan op gewone grond die voor kinderen uitnodigend kan zijn om op of in te spelen. Omdat bij de uitharding soms grote hoeveelheden water worden gebruikt kan dit, zolang het materiaal niet is uitgehard, uittreden waarbij uitgeloogde verontreinigingen in het riool of oppervlaktewater terecht kunnen komen. Handhaving is hier nodig, maar dan moet een gemeente of een waterschap wel weten waar dergelijk materiaal wordt gebruikt. Nu wordt het gebruikt (circa 600.000 ton per jaar oplopend tot 1.000.000 ton in 2020) in tal van toepassingen (wegen, fietspaden, funderingen, parkeerplaatsen, vloeistofdichte vloeren, sportvelden, keerwanden, kades enz.). Ook vind er geen registratie plaats waar dergelijke materialen zijn gebruikt. Dit terwijl de totale branche (zes gecertificeerde bedrijven) zegt dat graag te willen. Hier ligt een taak voor de landelijke overheid dit te regelen.

Over de kansen daartoe hielp handhaver Chris Schuurbiers ze snel uit de droom. ‘Ze vinden in politiek Den Haag dat de milieuwetgeving af is met de omgevingswet’, was zijn reactie. De politiek wil ook geen lastenverzwaring voor het bedrijfsleven. Curieus was dat de zes bedrijven waar het over ging het zelf wel willen. Registratie waar welk immobilisaat is gebruikt, is om in de toekomst, als het door aannemers tot stand gebrachte product aan het eind van zijn levensfase is gekomen, dit product verantwoord te kunnen slopen en her te gebruiken. Dat is pas een werkelijke invulling van een duurzame circulaire economie.

De gemeente Bergen op Zoom dient zodanige maatregelen te nemen, dat zij steeds op de hoogte is wanneer immobilisaten in bouwwerken, wegen, straten en grond- of waterwerken worden toegepast, zodat adequaat gehandhaafd kan worden. Ook dient er een (gemeentelijke) registratie te komen van toegepaste immobilisaten zodat toekomstige sloopwerkzaamheden veilig voor werkers en omwonenden kunnen gebeuren.

Misschien is het goed als gemeenten en waterschappen, dus Unie en VNG in Den Haag, gaan bepleiten dat registratie van wat eens risicovolle afvalstoffen waren, ook als toegepast immobilisaat noodzakelijk en bedrijfseconomisch verantwoord is.

Veel informatie over immobilisaten is te vinden op de website van Immobilisatie.  

 Louis van der Kallen

 


 

| IS DIT EEN ERFGOED GEMEENTE? |   

 auto markiezenhof

Louis van der Kallen

 


 

| VERZONDEN BRIEVEN |

 

02-04
EX ART. 39 VRAGEN: MIDGETGOLFBAAN MEILUST, KENMERK PVDK/16011

 


Boekenlegger op de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *