‘VALSE START’

 

   


| jaar 9 | nr. 295  | 26-05-2022 |

 

 

Mocht je de moed hebben dit stuk te gaan lezen. Een waarschuwing! Ik zeg het maar gelijk ik ben; een oude zak, een traditionalist, ga niet met mijn tijd mee, gefrustreerd, begrijp niets van de moderne tijd, een mierenneuker, een zeikerd. Plak op mij ieder etiket wat u, geachte lezer maar op mij wilt plakken.

Ik zie steeds meer een wereld waarin de mensen geen respect meer hebben voor elkaar, de instituties en voor zichzelf. En menigeen zich ‘vertwijfeld’ afvraagt: hoe komt dat nu? Ik heb niet het antwoord. Maar ik denk wel wat oorzaken te kunnen duiden.

Toen ik voor het eerst gekozen werd in de gemeenteraad (1986) was dat voor mij een eerbiedwaardig instituut. Met een bewaker van die eerbiedwaardigheid, burgermeester Pieter Zevenbergen. Op het heilige tapijt van de raadszaal mochten tijdens de raadsvergaderingen alleen de gekozenen raadsleden, de burgermeester, gemeentesecretaris en de bode mits getooid met de bodebus.

Je kon als raadslid alleen deelnemen aan de vergadering als jij je bevond op het tapijt. Buiten het tapijt was de publieke tribune. Ik gebruik die symboliek nog steeds door zo nu en dan op de publieke tribune te gaan zitten als ik om welke reden dan ook niet aan het debat wil deelnemen. Dat is dan een politiek statement. Bijvoorbeeld als de raad gaat spreken over iets waar de raad niet over gaat of zou moeten gaan. ‘Moderne’ raadsleden denken soms over van alles te gaan. Mijns inziens is dat één van de vertrouwen ondermijnende factoren. Praten, praten, praten en besluiten nemen of standpunten innemen over zaken waar de raad geen bevoegdheden heeft. Daarmee worden dan indrukken gewekt en soms verwachtingen bij de burgers die uiteindelijk niet nagekomen kunnen worden.

Soms zijn er voorvallen in de raad die, in mijn ogen, het respect van de burger op de politiek en de overheid ondermijnen die anderen niet beseffen. Maar ik ben zoals aan het begin van dit artikel geschreven; een oude zak…..!

De raadsvergadering van afgelopen dinsdag was nog niet begonnen of ik verbaasde mij over een aantal zaken. Raadsleden op de publieke tribune, en aspirant raadsleden, die formeel zelfs nog niet toegelaten, laat staan beëdigd zijn, aan de raadstafels. Toen ik de burgermeester en de griffier er over aansprak was de reactie; “er is over nagedacht” en het is “praktisch”. Op zo’n moment wil ik met mijn oude zakken gezeur de feestelijke stemming niet bederven. Maar voor mij is er zéker niet over nagedacht!

Als raadsleden (kandidaat wethouders) op de publieke tribune gaan zitten, op de wethoudersplek, zegt dat voor mij: wij hebben geen respect voor de wethouderverkiezing die nog moet plaatsvinden. Het is voor mij een ‘modern’ machtsdenken van de ‘kaarten zijn geschud, jullie raadsleden van de niet coalitiepartijen doen er niet toe!’. Maar ze stemden wel mee! Vanaf de publieke tribune waar je door daar plaats te nemen, in mijn ogen, jezelf onttrekt aan de gemeenteraad waar je wel deel vanuit maakt als je zich bevindt op het tapijt en aan de raadstafels! Dat is je plek zolang je raadslid bent! Tenzij je niet wilt deelnemen aan de raadsvergadering. Maar dan stem je ook niet!

Het meest verwerpelijke, en een getuigenis van disrespect, vind ik dat niet raadsleden tijdens de stemming en de daaraan voorafgaande raadsvergadering aan de raadstafels zaten. Ze waren nog niet toegelaten toe de raad en nog niet beëdigd!

Tradities zijn er niet voor niets. Ze zijn door de tijden heen tot stand gekomen in een sfeer van respect voor het ambt van raadslid en het instituut van de raad. Wat mij verbaast; is dat niemand, ook een burgermeester en de griffier niet, zich daar nog druk over maakt. Het is praktisch!

Ik heb moeite respect op te brengen voor diegenen die geen respect opbrengen voor mijn stem noch voor het instituut van de gemeenteraad. Het gaan zitten op de wethoudersplek alvorens je gekozen bent is voor mij een uiting van arrogantie. Tenzij het de publieke tribune was. Maar dan stem je niet mee! Maar ik snap het vast niet. Ik ben immers een oude zak….! Het gaan zitten op plekken tijdens een raadsvergadering die bestemd zijn voor raadsleden door niet raadsleden is, in mijn ogen ook disrespectvol. Maar wederom ik ben een oude zak….!

Een burgermeester en een griffier die dit gewoon vinden. Met de term “er is over nagedacht” bevraag ik niet eens meer, waarover in dit verband dan is nagedacht? Men ondermijnd zelf het gezag van het instituut van een gekozen gemeenteraad. Maar zoals gezegd ik ben een oude zak….!     

Voor mij is deze nieuwe periode met deze wethouders begonnen met een valse start. Samenwerking, wat men zegt te willen, is voor mij gebaseerd op een aantal uitgangspunten. Niet liegen en respect opbrengen voor de rol en positie van degenen waarmee je zegt samen te willen werken. Vooralsnog zie ik wel de woorden maar niet de daden. Maar ach ik ben slechts een oude zak….!

 

 

Louis van der Kallen.

   

Voeg toe aan je favorieten: Permalink.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.